Bijbelstudieleider, maar bekering (in eerste instantie) niet geloofwaardig

De zaak gaat over een Iraanse vreemdeling die twintig jaar geleden tot bekering is gekomen en na zijn asielaanvraag eind 2022 in Nederland Bijbelstudieleider is geworden. Volgens voornemen heeft de vreemdeling niet geloofwaardig verklaard over zijn bekering, maar na stevige kritiek van onze stichting is de asielaanvraag toch ingewilligd.

Zwaartepunt voor de beoordeling

Volgens de werkinstructie 2022/3 (en zijn voorgangers 2018/10 en 2019/18) wordt getoetst op drie elementen:

  1. motieven voor en proces van bekering
  2. kennis (en waarom die kennis voor de vreemdeling persoonlijk belangrijk is)
  3. activiteiten (en wat het persoonlijk belang van die activiteiten voor de vreemdeling is)

In het algemeen ligt het zwaartepunt voor de beoordeling ‘in de meeste gevallen’ bij de motieven voor en proces van bekering, aldus de werkinstructie 2022/3 (p. 7). Waarom dat zo is, is nooit duidelijk geworden. Onze stichting heeft reeds bij uitkomen van de werkinstructie 2018/10 er op gewezen, dat de werkinstructie onvoldoende waarborgen biedt voor een zorgvuldige en deskundige beoordeling. Onder meer is er op gewezen, dat de werkinstructie er geen blijk van geeft dat bij voortgaande bekering de nadruk in het onderzoek meer zou moeten verschuiven naar activiteiten in plaats van de motieven voor en proces van (de beginfase van) de bekering, zie onze bespreking van de werkinstructies 2018/10 en 2019/18 en ons rapport Afvalligheid en Bekering, versie 6.1 par. par. 3.5.5.

De individuele zaak

In de individuele zaak is aan de orde dat de vreemdeling twintig jaar geleden in Iran tot bekering is gekomen en dat hij in Nederland lopende zijn asielaanvraag Bijbelstudieleider is geworden. Opvallend is, dat hij in totaal vier dagen is gehoord over zijn asielmotieven, dat er uitgebreid is doorgevraagd over de motieven voor en het proces van bekering van twintig jaar geleden, maar dat de elementen kennis en activiteiten maar zeer summier aan de orde zijn geweest. De vreemdeling heeft over zijn activiteiten onder meer verklaard dat hij Bijbelstudieleider is, i.e. dat hij Bijbelstudies geeft aan anderen, maar daar is geheel niet op ingegaan. Ook twee kerken hebben in hun schriftelijke verklaring bevestigd dat de vreemdeling is aangesteld als Bijbelstudieleider, maar de IND heeft de bekering desalniettemin ongeloofwaardig geacht omdat hij niet voldoende overtuigend kon verklaren over zijn motieven voor en proces van bekering van twintig jaar geleden. Dit lijkt op iets als: “Meneer kan niet overtuigend verklaren waarom hij wiskunde op de middelbare school een leuk vak vond, dus is niet geloofwaardig dat hij wiskundelaar is” ook al staat hij al aardig wat jaren voor de klas.

Compensatie?

Nu kan gesteld worden, dat het leerstuk van de compensatie zoals beschreven in de werkinstructie, precies biedt wat hier nodig is: “Indien er ten aanzien van één element minder goede verklaringen zijn afgelegd, kunnen de andere elementen dit ‘compenseren’, mits de vreemdeling in staat is daarover wel verklaringen af te leggen die overtuigend genoeg zijn om de zwakkere elementen te ‘compenseren’. De vreemdeling zal wel een genoegzame verklaring moeten geven voor de omstandigheid dat hij op één van de elementen minder goed kan verklaren.” (WI 2022/3, p. 7) De ‘genoegzame verklaring’ waarom de vreemdeling minder goed kan verklaren over het element motieven en proces kan immers gelegen zijn in de omstandigheid dat het zich lang geleden heeft voorgedaan. Echter, nog los van het feit dat de elementen kennis en activiteiten in casu op voorhand slechts zeer summier zijn onderzocht en dat de mogelijkheid van compensatie kennelijk niet is overwogen, is compensatie in deze kwestie principieel gezien niet de juiste remedie. Het gaat er namelijk niet om dat de vreemdedeling in casu begrijpelijk minder goed kan verklaren over de bekering van twintig jaar geleden, het gaat er heel wezenlijk om, dat de motieven voor en proces van bekering van twintig jaar geleden er in het kader van de asielaanvraag geheel helemaal niet toe doen. Het zegt immers helemaal niets over het geloof dat de vreemdeling nu heeft en wat voor hem nu belangrijk is in het praktiseren en uiten van het geloof, de zaak die feitelijk ter toetsing voorligt.

Inwilliging

Op 26 maart 2025 heeft de IND een voornemen uitgebracht waarin gesteld wordt dat de bekering ongeloofwaardig is. Onze stichting heeft in ons rapport van 13 juni 2025 als volgt hierover geconcludeerd:

Het onderzoek naar betrokkenes bekeringsrelaas is in casu onzorgvuldig uitgevoerd.
De focus in het onderzoek ligt onterecht op de motieven voor en het proces van bekering, terwijl de bekering van betrokkene inmiddels twintig jaar geleden heeft plaatsgevonden. Het belang van de verklaringen over de motieven voor en proces van bekering komt hierdoor in een heel ander perspectief te staan; het is minder relevant geworden.
Daar waar de focus in casu teveel ligt op de motieven voor en het proces van bekering, constateren we dat betrokkene zéér beperkt gehoord is op het onderdeel geloofskennis en geloofsactiviteiten. Betrokkene is nauwelijks bevraagd op persoonlijke betekenis van deze elementen en onvoldoende doorbevraagd op zijn geloofsactiviteiten, met name op het gegeven dat hij Bijbelstudieleider is en in die hoedanigheid belangrijke geloofsactiviteiten heeft verricht.
Een en ander wordt in het vervolg nader onderbouwd en vraagt nadrukkelijk om een heroverweging van het besluit.

Op 18 juli 2025 is de asielaanvraag alsnog ingewilligd, kennelijk omdat de bekering alsnog geloofwaardig is geacht.

Inwilliging vanwege ander asielmotief?

Nu is wel van belang, dat in het voornemen afvalligheid en deelname aan politieke demonstraties geloofwaardig zijn geacht. Het zou kunnen, dat de asielaanvraag in de definitieve beschikking is ingewilligd op grond van een verbeterde toetsing van de zwaarwegendheid van de afvalligheid of de deelname aan de demonstraties en dat de bekering nog steeds niet geloofwaardig is geacht. Echter, ook van de echtgenote van de vreemdeling waren de afvalligheid en de deelname aan politieke demonstraties geloofwaardig geacht, maar haar asielaanvraag is in haar definitieve besluit afgewezen waarna zij enkel een afgeleide verblijfsvergunning heeft gekregen. Hieruit blijkt, dat de afvalligheid en/of de deelname aan de politieke demonstraties geen aanleiding hebben gegeven voor de inwilliging. Daarmee is de bekering het enige asielmotief dat overblijft als redengevend voor de inwilliging.

Rapport Gave

Hieronder kunnen rechtshulpverleners het geanonimiseerde rapport van Gave inzien op het punt dat in casu het element activiteiten voor de toetsing relevant is en niet het element motieven en proces.

(De pagina is verder alleen toegankelijk voor rechtshulpverleners)

Deze inhoud is beperkt tot alleen ingelogde gebruikers. Login om deze inhoud te bekijken.
Artboard facebook google+ instagram linkedin maps pinterest twitter vimeo youtube world